Het integrale ontwerp van Studio M10 en ABT voor zowel architectuur, constructie als installaties wordt door de beoordelingscommissie op het aspect ‘architectonische verschijningsvorm’ als zeer aansprekend gekwalificeerd. Dit heeft dan ook geleid tot de hoogste score voor dit aspect.
De commissie concludeert dat wij de opgave zowel stedebouwkundig, landschappelijk als architectonisch zodanig hebben begrepen dat een zeer aannemelijke vervolgstap wordt aangeboden in de ontwikkeling van de campus en een duidelijk alternatief voor jaren van ad-hoc beleid.
Fragment uit de beoordeling: ‘In verband met de landschappelijke kwaliteit is het plan op te vatten als een constructieve bijdrage aan het herstel en de verdere ontwikkeling van de ruimtelijke consistentie van de campus-lay out. Met een elegante hoogbouw lost het plan de belofte in van het oorspronkelijke door Van Embden geplande hoogteaccent aan de oostzijde van de campus. Het nieuwe volume is a-symmetrisch in het verlengde van de groene loper geplaatst, op die manier het voor de hand liggende idee vermijdend om de campus door een sculpturale climax ruimtelijk te beëindigen. Het concept van de campus staat immers in het teken van ruimtelijke continuïteit, waarbij de binnenwereld van de universiteit genuanceerd overloopt naar het omringende landschap. De inschrijver heeft dat uitstekend begrepen en niet toegegeven aan de impuls om een gebouw te maken dat het vooral op zichzelf goed doet maar geen noemenswaardige betekenis heeft voor de structuur van het geheel. Zo is het plan duidelijk te beschouwen als een positieve bijdrage aan het collectief van het ensemble.’
Het aspect van ‘mate van inpassing’ van het PvE in het ontwerp werd als minder overtuigend gekwalificeerd. Zo wordt getwijfeld aan de juiste wijze van inpassing van de programma-elementen. Dat bevreemdt ons ten zeerste, want wij hebben met het structuurontwerp een interpretatie van het PvE aangereikt, die juist getuigt van de ontwikkeling van een visie waarin oplossingsrichtingen in relatie tot het globaal gevraagde worden aangedragen. Ruimtelijk en technisch wordt met een lichte standaard bouwstructuur, gebaseerd op het maatstelsel van de TUE met een moduul van 124 cm, tegemoet gekomen aan het nadrukkelijk gevraagde wisselend multifunctioneel gebruik ten behoeve van een zo groot mogelijke levensduur.
Ondanks het feit dat het ontwerp ook voor het aspect ‘duurzaamheid’ als overtuigend werd beoordeeld en zelfs betreffende de installatietechnische opzet als ‘het meest vernieuwend van de drie ontwerpen’ is onze inschrijving op een haar na niet in aanmerking gekomen voor de gunning.