Diverse historische ontwikkelingen hadden ertoe geleid dat het eens zo levendige gebied rond de Oude Haven in Venlo geïsoleerd was komen te liggen. Het gebied behoefde een impuls om de relatie van het centrum met de rivier te versterken. In dat kader gaf het Gemeenschappelijk Administratiekantoor de opdracht voor een uitgangspuntenstudie voor het gebied rond de Oude Haven. Met het herstel van het stedelijk leven zou er een aantrekkelijke context kunnen ontstaan voor het beoogde nieuwe kantoorgebouw van 8000 m².
Tot de vele factoren die hierbij in overweging werden genomen behoorden het behoud van het nog aanwezige havenfront, de wintercapaciteit van de rivier, de verkeersdruk en -afwikkeling, uitbreiding van functies en programma, de parkeercapaciteit, de toeristische aantrekkelijkheid van het gebied, de potentiële (tweede) jachthaven, de versterking van de groenstructuur en uiteraard de inpassing van de gevraagde kantoorbebouwing.
Voorgesteld wordt de parkachtige sfeer van de groene zoom langs de Maas tot op de Weerd uit te breiden. Als kontrast is de Haven- en Maaskade over de gehele lengte van het oude stadsfront overwegend steenachtig gedacht. De bestaande hoge kademuur vormt de historische begrenzing van dit gebied. Dit is aanleiding de bestaande haven tot aan deze begrenzing weer uit te graven tot de komvorm die refereert aan de oorspronkelijke haven ten tijde van de middeleeuwen.
De ruimtelijke herkenbaarheid van de binnenstad als eenheid en de visuele relatie van de binnenstad met de Maasoever en de uiterwaarden vormen de belangrijkste uitgangspunten. Als ruimtelijke structuur voor het havengebied wordt daarom een ritmische geleding van losse elementen voorgesteld, die het zicht op de rivier open laat. De voorgestelde mix van appartementen, een hotel, het kantoor, het havengebouw met restaurant, de jachthaven zelf en de boulevard moeten het gebied weer levendig en aantrekkelijk maken en de stad weer directer op de rivier betrekken.





